De rechtbank Den Haag heeft ingegrepen in de manier waarop het Rijk standaardsoftware inkoopt via tussenpersonen, ook wel resellers genoemd. Dit gebeurde naar aanleiding van de grootschalige ‘EAP 2025’-aanbestedingen, die een totale waarde van 365 miljoen euro vertegenwoordigen. De voorzieningenrechter oordeelde dat de eisen die de Staat aan resellers stelt, disproportioneel zijn en dat deze eisen in de praktijk niet haalbaar zijn voor de resellers.
Het vonnis van de rechtbank benadrukt de noodzaak voor het Rijk om zijn inkoopstrategie te herzien. De huidige aanpak legt een onevenredige druk op de resellers, die niet in staat zijn om aan de gestelde eisen te voldoen. Dit leidt tot een situatie waarin de marktwerking wordt verstoord en de toegang tot overheidsopdrachten wordt belemmerd voor veel potentiële aanbieders.
De uitspraak legt tevens een dieperliggend probleem bloot binnen de wereld van overheids-IT. Het zogenaamde “duivels dilemma” verwijst naar de complexe afwegingen die de overheid moet maken tussen het stellen van hoge eisen voor kwaliteit en veiligheid enerzijds, en de haalbaarheid en toegankelijkheid voor marktpartijen anderzijds. Deze kwestie vraagt om een zorgvuldige heroverweging van de inkoopprocedures om een eerlijke en werkbare markt te waarborgen.
Lees het volledige artikel Dutch IT Channel:
Rechter Beperkt Staatsvereisten bij Softwarelicenties.